Actueel juridisch nieuws

Een half jaar Advocatenportaal: ruim 22.000 stukken

ma, 02/22/2016 - 11:03

Sinds de start van het Advocatenportaal ‘Mijn Strafdossier’ zijn 22.322 dossiers en nagekomen stukken via deze digitale route aan de advocaten verstrekt. Via het portaal wordt sinds 1 augustus 2015 bij eenvoudige zaken het strafdossier digitaal aangeboden.

‘In enkelvoudige strafzaken (politierechterzaken, kinderrechterzaken, kantonstrafzaken – red.) kan de advocaat inloggen op het Advocatenportaal en daar het dossier van zijn cliënt downloaden. In bepaalde gevallen zet het OM het dossier in dit digitale halletje en in andere gevallen doet de rechtbank dat’, legt Ruud Berendsen van het Advocatenportaal uit. ‘Op deze manier krijgt de advocaat het dossier sneller dan vroeger, want kopiëren, in een enveloppe stoppen en op de post doen hoeft niet meer.’

Advocatuur

Vanuit de advocatuur klinken positieve geluiden, maar worden de ontwikkelingen ook kritisch gevolgd. ‘Het is positief dat wij de stukken sneller tot onze beschikking hebben’, aldus strafadvocaat Starmans uit Utrecht, ‘maar er zijn nog wel verbeteringen nodig. Ik zou het bijvoorbeeld handig vinden als niet ik, maar mijn secretaresse de melding zou krijgen dat er nieuwe stukken zijn toegevoegd. Dat kan op dit moment niet. Ook krijgen we vaak stukken dubbel.’

Uitbreiding

Achter de schermen wordt gewerkt aan uitbreiding van het portaal, waardoor ook dossiers in strafzaken die het Openbaar Ministerie (OM) afdoet (zonder tussenkomst van de rechter) digitaal beschikbaar komen. Het Advocatenportaal is een gezamenlijke initiatief van Rechtspraak, OM en Nederlandse Orde van Advocaten.

Categorieën: Nieuws

Professionele standaarden garanderen kwaliteit strafrechtspraak

za, 02/20/2016 - 08:37

De Nederlandse strafrechters hebben recent het document Professionele standaarden strafrecht (pdf, 328,3 KB) vastgesteld. Hierin worden de minimumnormen voor goede strafrechtspraak expliciet gemaakt. Het gaat dan om een scala aan inhoudelijke normen voor de vakuitoefening door de strafrechter. In de standaarden komen niet alleen onderwerpen als kennis en ervaring aan de orde, maar ook de wijze waarop tijd en aandacht moet worden besteed aan de behandeling van strafzaken en uitspraken.

Reden

De reden voor het expliciet maken van wat er nodig is voor goede strafrechtspraak, is dat er onder rechters het gevoelen bestaat dat de kwaliteit onder druk staat, onder meer door de krappe budgetten. Ook zouden gerechtsbesturen vooral sturen op productiecijfers, wat ten koste zou gaan van de kwaliteit. Inventarisatie leerde dat er wel kwaliteitsnormen zijn, maar dat die niet eensluidend geïnterpreteerd werden. Verder bleken er verschillende opvattingen over kwaliteit te bestaan bij gerechten, maar ook bij individuele rechters. De nu geformuleerde professionele standaarden geven de strafrechters en gerechten houvast in de beoordeling van de kwaliteit. Ook geven ze de gerechten een leidraad voor het faciliteren van rechters.

Inzicht

Frits Bakker, voorzitter van de Raad voor de rechtspraak, riep naar aanleiding van de discussie over kwaliteit rechters eerder op tot het formuleren van de professionele standaarden en staat achter het resultaat dat is tot stand gekomen: ‘In de eerste plaats maakt het ons duidelijk wat we van onszelf mogen verwachten. En in de tweede plaats geeft het ook inzicht in wat de samenleving van de Rechtspraak mag verwachten.’
In de andere rechtsgebieden wordt ook gewerkt aan professionele standaarden.  

Categorieën: Nieuws

Wijziging in aanpak digitalisering civiele procedures

do, 02/18/2016 - 12:17

De digitalisering van civiele procedures wordt op een andere wijze aangepakt. Bij de invoering is er een pilot bij 2 gerechten en daarna volgt meteen invoering bij alle gerechten. Ook verandert de volgorde van digitalisering. Als eerste zijn handelsvorderingen aan de beurt, dan hoger beroep, vervolgens kanton en daarna verzoekschriften en kort geding (zie de tijdlijn (pdf, 217,2 KB)).

Wetgeving

Zoals bekend is invoering van verplicht digitaal procederen voor professionele partijen afhankelijk van wanneer het parlement de KEI-wetgeving heeft aangenomen. Op dat moment treedt er een voorbereidingstijd in voor onder andere advocaten en deurwaarders van een half jaar. Een half jaar nadat de wetgeving is aangenomen, wordt digitaal procederen verplicht. De wetgeving ligt nu in de Eerste Kamer. De verwachting is dat die voor de zomer instemt. 

Planning

Bij elke zaakstroom komt een proefperiode van 5 maanden bij 2 gerechten. Daarna volgt in 1 keer invoering bij alle gerechten. Hiermee wordt tegemoet gekomen aan bezwaren bij advocaten en deurwaarders. Eerder was het plan dit in ‘golven’ te doen, maar advocaten en deurwaarders vonden dit onoverzichtelijk. Zij zijn geconsulteerd bij de besluitvorming.  

Categorieën: Nieuws

Senaat akkoord met digitale processtukken

wo, 02/17/2016 - 10:54
Ook wijziging gerechtsdeurwaarderswet aangenomen

De Eerste Kamer heeft gisteren ingestemd met het wetsvoorstel Digitale processtukken Strafvordering. Door wijzigingen in het Wetboek van Strafvordering en de Wet op de economische delicten krijgt het gebruik van digitale processtukken in het strafproces een wettelijke basis. Hiermee komt het volledig digitaal werken binnen de strafrechtketen een stap dichterbij.

Digitale rechtspraak

Met het wetsvoorstel wordt de mogelijkheid om processtukken elektronisch te gebruiken, vastgelegd. Ook wordt bijvoorbeeld het elektronisch ondertekenen van processtukken geregeld, net als de digitale aangifte. De Raad voor de rechtspraak adviseerde (pdf, 38,8 KB) eerder over het wetsvoorstel en onderschreef toen het belang van digitale voorzieningen.

De Rechtspraak bereidt zich met het moderniseringsprogramma Kwaliteit en Innovatie (KEI) voor op een toekomst waarin alles rondom de mondelinge behandeling  digitaal verloopt.  Voor zaken in civiel recht en bestuursrecht ligt de benodigde wetgeving nu bij de Eerste Kamer. Een half jaar nadat het parlement de wetgeving heeft aangenomen, wordt digitaal procederen voor professionele partijen verplicht. In het strafrecht zijn betrokken partijen (Rechtspraak, Openbaar Ministerie, advocatuur) in het programma Versterking Prestaties Strafrechtketen druk bezig zaken efficiënter te laten verlopen, onder meer door digitaal stukken uit te wisselen in plaats van op papier.

Gerechtsdeurwaarders

De senaat stemde gisteren ook in met het wetsvoorstel Verbetering functioneren Koninklijke Beroepsorganisatie van Gerechtsdeurwaarders. Dit moet leiden tot meer kwaliteit binnen deze beroepsgroep, onder andere door beter toezicht en de oprichting van een openbaar register voor gerechtsdeurwaarders. Ook over dit wetsvoorstel bracht de Raad voor de rechtspraak eerder een wetgevingsadvies (pdf, 59,4 KB) uit.

Beide wetsvoorstellen zijn als hamerstuk, zonder beraadslaging en zonder stemming, afgedaan.

Categorieën: Nieuws

‘Rechters betrouwbaar en rechtvaardig’

di, 02/16/2016 - 16:19
WODC-onderzoek naar geschilbeslechting gepubliceerd

De meeste problemen tussen particulieren en de overheid en particulieren onderling worden zonder tussenkomst van de rechter opgelost. Maar áls de rechter wordt ingeschakeld, vindt men het resultaat in meer dan 7 van de 10 gevallen ‘fair’.  Ook hebben burgers over het algemeen vertrouwen in een eerlijke behandeling door de rechter, vinden ze rechters betrouwbaar en rechtbanken belangrijk bij het afdwingen van hun rechten.

Dit blijkt uit het onderzoek Geschilbeslechtingsdelta van het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC).

Juridische problemen

Bijna 6 op de 10 van de deelnemers aan het onderzoek hebben in de periode 2009 - 2014 te maken gehad met (mogelijk) juridische problemen. Gemiddeld ging het om bijna 3 problemen per persoon. Problemen op het werk en problemen met de aanschaf van producten of diensten komen het meest voor: 24 procent gaf aan ermee te maken hebben gehad. Daarna volgen geldproblemen (15 procent), problemen in de woonomgeving en met het bezit van onroerend goed (beide 11 procent).

Gang naar de rechter

Er zijn veel mogelijkheden om problemen op te lossen. Vaak komen mensen er zonder hulp uit, of ondernemen ze helemaal geen actie. In 11 procent van de problemen wordt een buitengerechtelijke procedure gestart, zoals het indienen van een klacht of het starten van een procedure bij de Huurcommissie. In 4 procent van de gevallen wordt een gerechtelijke procedure gestart.

Meer dan de helft van de betrokkenen geeft aan naar de rechter te stappen omdat ze het als de enige manier zien om het geschil op te lossen. Ook het feit dat een rechter een afdwingbare uitspraak kan doen, is een belangrijke reden voor deze route.

Tevreden

Het onderzoek laat zien dat burgers er vertrouwen in hebben dat ze door de rechter eerlijk worden behandeld. Rechtbanken vindt men belangrijk voor het afdwingen van rechten en rechters zijn volgens de ondervraagden betrouwbaar en eerlijk. De onderzoekers noemen het wel opvallend dat relatief veel burgers vinden dat rechtspraak niet hetzelfde werkt voor arm en rijk. Sociaaleconomische kwetsbare groepen (bijvoorbeeld lager opgeleiden en uitkeringsgerechtigden) en burgers die direct te maken hebben gehad met rechtszaken, zijn minder positief over de rechtspraak.

Ontwikkelingen

Het onderzoek brengt ook de ontwikkelingen in kaart die van invloed kunnen zijn op de manier waarop burgers hun problemen oplossen. Een belangrijke ontwikkeling is de digitalisering van de maatschappij. Geschillen kunnen vaak digitaal worden opgelost en (juridische) informatie is online makkelijk te vinden, bijvoorbeeld bij het Juridisch Loket of rechtspraak.nl. De Rechtspraak heeft deze ontwikkeling omarmd. Het moderniseringsprogramma Kwaliteit en Innovatie (KEI) maakt het in de toekomst mogelijk online te procederen. In sommige rechtsgebieden is dit al (gedeeltelijk) mogelijk.

Categorieën: Nieuws

Toets rechter noodzakelijk bij bestrijden computercriminaliteit

do, 02/11/2016 - 13:06

Bij het bestrijden van computercriminaliteit, moet de rechter zowel vooraf als achteraf kunnen toetsen. Bij binnendringen van een ‘geautomatiseerd werk’ (verder: computer) dat zich niet in Nederland bevindt (of als de locatie niet kan worden vastgesteld), verdient het aanbeveling in de wet vast te leggen dat dit alleen mag in zeer uitzonderlijke gevallen.

Deze 2 punten bracht senior raadsheer Christiaan Baardman, coördinator van het Kenniscentrum Cybercrime van de Rechtspraak, vandaag naar voren tijdens het rondetafelgesprek in de Tweede Kamer over het Wetsvoorstel computercriminaliteit III. Tijdens zo’n rondetafelgesprek laten Kamerleden zich bijpraten over de stand van zaken over een bepaald onderwerp.

Grondrechten

Het Wetsvoorstel Computercriminaliteit kent een lange voorgeschiedenis. Dit is te verklaren vanuit de complexiteit van het nieuwe opsporingsmiddel en de mogelijk vergaande inbreuk op grondrechten, met name de privacy van burgers. De Raad voor de rechtspraak bracht over dit wetsvoorstel eerder een wetgevingsadvies uit.

Toetsing

De Rechtspraak is van mening dat juist vanwege deze mogelijke inbreuk er zowel vooraf (als het Openbaar Ministerie wil inbreken in een computer) als achteraf (als de gegevens zijn vergaard) een toets moet zijn door de rechter. Die toets moet dan plaatsvinden op grond van rechtmatigheid (mag het volgens de wet?), proportionaliteit (staat de verdenking in verhouding tot de inzet van het middel?) en subsidiariteit (is de inzet van het middel noodzakelijk?).

Uitzonderlijk

Extra ingewikkeld wordt het binnendringen van een computer als niet duidelijk is of het systeem zich wel in Nederland bevindt. Baardman bracht vandaag bij de Kamerleden onder de aandacht dat, internationaalrechtelijk gezien, er op dit moment geen bevoegdheid is binnen te dringen in netwerken die zich niet op Nederlands grondgebied bevinden. Baardman beval dan ook aan - naar Duits voorbeeld – in de wet vast te leggen dat binnendringen in buitenlandse netwerken alleen in zeer uitzonderlijke gevallen mag. Volgens internationaal recht mag het dan wel. Concreet moet het dan gaan om levensgevaar, gevaar voor lichamelijk letsel of vrijheidsbeneming of bedreiging van voortbestaan van staat of mensheid.     

Zie op de site van de Tweede Kamer position papers van deelnemers aan de rondetafelconferentie.

Categorieën: Nieuws

Zorgen om tijdspad bij vernieuwing Wetboek van Strafvordering

wo, 02/10/2016 - 13:22
Hoorzitting Tweede Kamer

De vernieuwing van het Wetboek van Strafvordering is een zeer complex proces. Dat vraagt om een meer samenhangende aanpak en voldoende tijd. De huidige tijdsplanning - een nieuw Wetboek in 2018 - is te ambitieus.

Dit waren de centrale gedachten vandaag tijdens de hoorzitting in de Tweede Kamer over de vernieuwing van het Wetboek van Strafvordering, het wetboek waarin alle regels voor het strafproces zijn opgenomen. Deze operatie is door de minister van Veiligheid en Justitie in gang gezet en staat ook in het regeerakkoord. Tijdens een hoorzitting laten Kamerleden zich bijpraten over de stand van zaken.

Er is consensus over het feit dát het Wetboek van Strafvordering moet worden gemoderniseerd. Het huidige wetboek bestaat sinds 1926. Sindsdien is het vaak gewijzigd, onder meer door reparatiewetgeving en toevoeging van nieuwe artikelen. Hierdoor is er een lappendeken ontstaan; dit gaat ten koste van de samenhang tussen de verschillende regels en het is moeilijk de weg te vinden naar de juiste artikelen. Ook stamt het Wetboek voor Strafvordering uit een tijd dat er van bijvoorbeeld digitalisering en een opsporingsmiddel zoals DNA nog geen sprake was.

Aanzet

Aan het nieuwe wetboek wordt sinds 2 jaar gewerkt door het ministerie van V en J, met constante consultatie van betrokken partijen als onder meer de Rechtspraak, Openbaar Ministerie, politie en advocatuur. Vorig jaar september werd de zogenoemde Contourennota gepubliceerd, de aanzet tot het nieuwe wetboek. Zowel de Raad van State als de Raad voor de rechtspraak adviseerden over de nota (zie ook Advies: Regierol rechter in strafproces duidelijker omschrijven). Volgens de huidige planning zou het nieuwe Wetboek van Strafvordering in 2018 er moeten zijn. 

Deelprojecten

De hoorzitting viel uiteen in 2 delen: een blok ‘wetenschap’ en een blok ‘organisatie en praktijk’. Alle sprekers wezen op de grote spanning die er is tussen snelheid en zorgvuldigheid.

Wetenschappers van de universiteiten van Leiden, Maastricht en Utrecht waren eensluidend in hun kritiek dat ze een systematische, consistente en coherente aanpak missen. Debet hieraan is in hun ogen dat er in deelprojecten aan het nieuwe Wetboek van Strafvordering wordt gewerkt. Uiteindelijk moet dit leiden tot het nieuwe wetboek. ‘Maar je kunt geen algemeen Wetboek maken als je niet vooraf fundamentele keuzes maakt en die op elkaar laat aansluiten’, aldus professor Cleiren van de Universiteit van Leiden. Dan gaat het om vragen als wat gebeurt er wanneer in het strafproces? Wie doet wat gedurende het vooronderzoek, wat zijn de rollen op welk moment van politie, van rechter-commissaris, de officier van justitie, de advocaat en de zittingsrechter? Welke taken zijn precies belegd bij wie en hoe sluiten die op elkaar aan? De wetenschappers stelden alle 3 dat wat hen betreft een pas op de plaats zou moeten worden gemaakt. Ze vinden dat eerst gekeken moet worden wat de impact van keuzes zijn, in praktisch opzicht maar bijvoorbeeld ook in financiële zin.    

Grondrechten

Kees Sterk, lid van de Raad voor de rechtspraak, bracht in zijn bijdrage aan de hoorzitting 3 punten naar voren. In de eerste plaats zijn er bij rechters zorgen over het proces (is dat wel voldoende zorgvuldig?), de samenhang tussen de plannen (er wordt bijvoorbeeld op aangestuurd dat er in een strafzaak veel meer dan nu het geval is achter de schermen plaatsvindt, maar wat betekent dit voor de openbaarheid van rechtspraak en bijvoorbeeld de gevoelens van slachtoffers en samenleving?) en de vraag of er wel voldoende reflectie is (zijn de grondrechten van burgers voldoende gewaarborgd?).
Het tweede punt van Sterk was meer van praktische aard. Hij pleitte voor een duidelijker omschrijving van de rolverdeling tussen betrokken partijen bij een strafzaak, zoals de rechter-commissaris (die toezicht houdt op het opsporingsonderzoek), de politie, het Openbaar Ministerie en de zittingsrechter. Dat is nu in de Contourennota nog onvoldoende duidelijk gemaakt.

Praktische problemen

In de derde plaats bracht Sterk namens de Rechtspraak onder de aandacht dat wetgeving alléén niet de oplossing is voor de huidige problemen in de strafrechtketen. ‘Er dienen nog de nodige praktische problemen te worden beslecht op het terrein van bijvoorbeeld digitalisering, tijdigheid, volledigheid en kwaliteit’, aldus Sterk. ‘Ook zonder modernisering van het Wetboek kan er al veel worden verbeterd.' In dit verband noemde hij de verbeteringen in de logistiek die door Rechtspraak en Openbaar Ministerie al zijn aangebracht (zie ook: Geen onnodig tijdverlies meer bij strafzaken). Dus ook in dit opzicht is er niet veel aanleiding voor grote haast.

Op de site van de Tweede Kamer staan diverse position papers van de partijen die deelnamen aan de hoorzitting.      

Categorieën: Nieuws

Onderzoek: stereotiep beeld ontuchtpleger klopt niet

wo, 02/03/2016 - 13:14
‘Ontucht met kinderen neemt vele gedaantes aan’

Het stereotiepe beeld van ontuchtplegers klopt meestal niet. De dader is vaak juist niet de ‘enge man in de bosjes’ of iemand die vanuit zijn beroep met kinderen werkt, maar iemand uit de familie-, vrienden- of kennissenkring van het slachtoffer. Daarnaast wordt in 78 procent van de zaken de dader veroordeeld voor het plegen van ontucht met 1 slachtoffer. 1 op de 6 daders is zelf minderjarig.

Het bovenstaande blijkt uit het eerste deel van het rapport Ontucht voor de rechter, vandaag gepubliceerd door Corine Dettmeijer, de Nationaal Rapporteur Mensenhandel en Seksueel Geweld tegen Kinderen. Dettmeijer deed op basis van 200 veroordelingen voor fysiek kindermisbruik onderzoek naar dader- en slachtofferkenmerken en de aard van het misbruik. Ook werd onderzocht hoe slachtoffer en dader elkaar kennen.

Daderkenmerken

Volgens Dettmeijer waarschuwen veel ouders hun kinderen voor kinderlokkers (de ‘enge man in de bosjes’), maar wordt slechts een klein deel (7 procent) van de slachtoffers misbruikt door een onbekende. Ook zijn ouders vaak alert op een persoon die vanuit zijn beroep met kinderen werkt, zoals een leraar of sportcoach. Misbruik door dit type dader komt voor, maar is met 10 procent een minderheid. Het overgrote deel van de daders komen uit de familie-, vrienden- of kennissenkring van het slachtoffer.

De 'verscheidenheid aan zaken, daders, slachtoffers en context waarbinnen het misbruik plaatsvindt' tonen volgens het rapport aan dat er niet gesproken kan worden over dé ontuchtpleger: 'Ontucht met kinderen neemt vele gedaantes aan.'

Aard van het misbruik

Uit het onderzoek blijkt dat bij bijna 9 op de 10 veroordelingen sprake is van ernstig seksueel misbruik, zoals aanraking van de geslachtsdelen of binnendringen van het lichaam. Meestal duurt het misbruik langer dan een dag, in de onderzochte zaken variërend van meerdere dagen tot wel 12 jaar. Bij 1 op de 10 slachtoffers duurde het misbruik 4 jaar of langer.

Meisjes zijn 6 keer zo vaak slachtoffer van misbruik als jongens. Slachtoffers zijn gemiddeld 10 jaar oud als het misbruik begint.

StrafmaatIn deel 2 van het rapport worden de opgelegde straffen en overwegingen van de rechter geanalyseerd. Dit deel wordt naar verwachting komende zomer gepubliceerd.
Categorieën: Nieuws

Meer aandacht voor belang vertolking en vertaling in strafrechtspraak

vr, 01/29/2016 - 13:17
'Geen lijst met regels, maar voorbeelden uit de praktijk’

Het Landelijk Overleg Vakinhoud Strafrecht (LOVS) van de Rechtspraak stemt in met een leidraad op het gebied van tolken en vertalen in strafzaken. Met deze vandaag gepubliceerde Best practice vertolking en vertaling strafrechtspraak wil de koepel van strafrechters handvatten bieden aan iedereen die tijdens een strafproces met vertolking en vertaling te maken heeft.

‘Tolken en vertalers spelen een onmisbare rol bij een eerlijk strafproces’, stelt LOVS-voorzitter Geert Lycklama à Nijeholt. ‘Bij veel strafzaken  is een tolk of vertaler betrokken. Zij moeten hun werk voor, tijdens en na de zitting zo goed mogelijk kunnen doen. Daarom is het zo belangrijk dat we weten wat hiervoor nodig is.’

Bewezen in de praktijk

In de best practice staat puntsgewijs beschreven wat bijvoorbeeld een rechter of bode kan doen om een tolk of vertaler te ondersteunen bij zijn werkzaamheden. Maar ook welke verantwoordelijkheden de tolk/vertaler zelf draagt. Zo staat omschreven of er 1 of meerdere tolken moeten worden opgeroepen als een zaak lang en complex is, welke informatie tolken voor aanvang van de zitting tot hun beschikking moeten hebben, en dat een tolk of vertaler een dienst weigert als hij vindt dat hij er niet geschikt voor is.

Het is slechts een greep uit de tientallen tips die in de best practice worden gegeven. ‘We hebben geen lijst met regels opgesteld, maar geven voorbeelden die zich bewezen hebben in de praktijk’, verduidelijkt Lycklama à Nijeholt. ‘We hopen dat deze voorbeelden iedereen bewust maken van wat er nodig is voor een tolk of vertaler om zijn werk goed te kunnen doen.’

Totstandkoming

Recente ontwikkelingen in (Europese) wet- en regelgeving op het gebied van vertolking en vertaling in strafzaken en het kritische artikel De minachting voor de gerechtstolk van tolk/vertaler Auke Jacobs in het Nederlands Juristenblad vorig jaar, waren aanleiding om te onderzoeken hoe tolken en vertalers hun rol binnen het strafproces beter kunnen vervullen. ‘Er zijn ter voorbereiding van de best practice veel contacten geweest met betrokken partijen als rechters, het OM, de advocatuur en natuurlijk tolken en vertalers’, zegt Lycklama à Nijeholt. ‘Door te spreken met alle betrokken partijen is het eindproduct echt geworteld in de dagelijkse praktijk. Mensen kunnen hiermee direct aan de slag.’

Eerlijk proces

Als een slachtoffer of verdachte de taal niet spreekt heeft hij het recht te worden bijgestaan door een tolk. Dit recht is onder andere vastgelegd in het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens. Tolken en vertalers spelen daarom een belangrijke rol bij een eerlijk proces. ‘Als ultieme hoeder van een eerlijk proces heeft de rechter de plicht om na te gaan of dit soort bijstand nodig is, en of de kwaliteit van de tolkbijstand goed genoeg is’, benadrukt Lycklama à Nijeholt. ‘Ik denk dat rechters, tolken en vertalers en alle andere procesdeelnemers profijt hebben van deze best practice, en dat  het recht op een eerlijk proces daarmee nog beter wordt gewaarborgd.’

Categorieën: Nieuws

‘Over 2 jaar alle faillissementszaken digitaal’

do, 01/28/2016 - 15:07
Congres Toezicht in ontwikkeling

Slimmer werken, met veel minder handwerk. En belangrijker: door digitaal toezicht te houden op faillissementen, kan er transparanter worden gewerkt; betrokkenen krijgen beter inzicht in wat er allemaal gebeurt in de afwikkeling van een faillissement. Verder biedt digitalisering van toezicht ook de mogelijkheid tot uniformering van werkwijzen. Dit leidt tot een hogere kwaliteit van toezicht.

Dit is in een notendop de grote winst die er te halen is met digitaal toezicht op faillissementen. Inmiddels is het voor alle curatoren bij alle rechtbanken mogelijk digitaal informatie uit te wisselen. Het is de taak van de rechter toezicht te houden op een ordentelijke afhandeling van een faillissement.

Curatoren

Vanmiddag, 28 januari, waren zeker 300 curatoren naar Utrecht gekomen voor het congres Toezicht in ontwikkeling. Digitale uitwisseling in faillissementen. Dat er nog een wereld te winnen is, bleek aan het begin van de middag toen er werd gevraagd hoeveel faxen er nog op de bureaus van curatorenkantoren stonden. Heel veel vingers gingen de lucht in. Logisch, want formeel mogen curatoren en gerechten nog niet e-mailen met het oog op de veiligheid.

Autorisatie

Inmiddels hebben 600 curatoren een autorisatie om digitaal gegevens uit te wisselen met rechtbanken. Curator Floris Dix is vanaf het begin betrokken bij het systeem dat de Rechtspraak ontwikkelt, waarmee curatoren digitaal gegevens kunnen uitwisselen met gerechten. Hij lichtte toe dat hij inmiddels 3 dossiers heeft die volledig digitaal gaan. Afgezien van wat praktische probleempjes (bijvoorbeeld: na 15 minuten inactiviteit wordt de verbinding verbroken uit veiligheidsoverwegingen), is hij geen problemen tegen gekomen. Hij roemde vooral de overzichtelijkheid (alles op 1 plek) en het feit dat er plaatsonafhankelijk gewerkt kan worden aan een faillissement.

2.300 dossiers

Erik Boerma, projectleider Toezicht in het moderniseringsprogramma Kwaliteit en Innovatie, vertelde dat er bij de 11 rechtbanken inmiddels 2.300 dossiers in faillissementszaken digitaal in behandeling zijn. Hij lichtte toe dat het een bewuste keus is om de digitalisering geleidelijk aan in te voeren. ‘Geen big bang. Ik denk wel dat we over 2 jaar alle dossiers digitaal binnen krijgen. Behalve een paar langlopende faillissementen natuurlijk, die nog op papier zijn gestart.’

Categorieën: Nieuws

Kamer heeft haast met aanpak vechtscheidingen

wo, 01/27/2016 - 17:17

De Tweede Kamer heeft haast met maatregelen die moeten voorkomen dat kinderen de dupe worden van moeizame echtscheidingen. Dat bleek woensdagmiddag 27 januari tijdens een Algemeen Overleg van leden van de Vaste Kamercommissie Veiligheid en Justitie met minister Van der Steur.

Tijdens het debat kwamen verschillende initiatieven van gerechten ter sprake: de bijzondere curator, de regierechter en de gespecialiseerde familierechter. De Kamerleden hoorden tijdens werkbezoeken in het land positieve geluiden over deze initiatieven en zouden graag zien dat deze werkwijzen op korte termijn landelijk worden ingevoerd. Naar schatting 10 tot 15 procent van de echtscheidingen verloopt problematisch, met negatieve gevolgen voor kinderen. Circa 1 op de 3 huwelijken strandt. De Rechtspraak had in de aanloop naar het overleg met de Kamer een factsheet gestuurd met het aanbod om mee te denken over oplossingen en daarin haar initiatieven genoemd. De minister zei de Kamerleden ‘van harte aan te bevelen dit aanbod aan te nemen’.

Initatieven

Bij de bijzondere curator, een initiatief van de rechtbank Zeeland-West-Brabant, worden gedragsdeskundigen ingezet die de belangen van kinderen behartigen in vechtscheidingszaken. Zo’n curator geeft het kind een stem, adviseert de rechter over stappen als het kind in de knel zit en probeert ouders ervan te overtuigen hulp te accepteren.  
Bij de regierechter, een pilot van de rechtbank Noord-Nederland, wordt samen met gemeenten gewerkt met 1 rechter per echtscheiding om onnodige escalatie van het conflict te voorkomen. 
Bij de rechtbank Rotterdam worden familierechters speciaal opgeleid in conflictdiagnose en interventiemogelijkheden. Elk scheidend gezin krijgt een vaste rechter toegewezen, die alle problemen in onderlinge samenhang kan behandelen.

Financiering

SP-Kamerlid Van Nispen wees de minister tijdens het overleg regelmatig op de op dit gebied knellende financieringsmethodiek. De Rechtspraak krijgt per zaak betaald, en volgens Van Nispen moeten rechters tijd en ruimte hebben om vechtscheidingen in goede banen te kunnen leiden: ‘Je kunt wel steeds meer aan rechters vragen, maar er moet wel een adequate financiering zijn.’ CDA-Kamerlid Keijzer vroeg zich af waarom het allemaal zo lang moet duren en waarom het ‘blijft steken in pilots’. Van Wijngaarden (VVD) vroeg de minister het gevoel van urgentie dat in de Kamer leeft, over te brengen aan de Rechtspraak.

Divorce challenge

Directe aanleiding voor het debat was het initiatief van PvdA-Kamerlid Recourt tot ‘divorce challenge’. Hiermee krijgen maatschappelijke partijen de gelegenheid oplossingen te ontwikkelen en uit te voeren met als doel scheidingen op een meer harmonieuze manier af te ronden. PvdA-Kamerlid Yülcen zei te begrijpen dat de Rechtspraak vanuit de scheiding der machten niet deelneemt aan divorce challenge. Ze verzocht de minister goed te kijken naar de pilots in de Rechtspraak.

Zorgvuldigheid

Minister Van der Steur begreep het ongeduld bij de Kamerleden, maar zei dat er toch eerst echt moet worden gewacht op de evaluatie van de pilots. ‘Dat vraagt de zorgvuldigheid.’ Voor de bijzondere curator wordt die deze zomer verwacht, voor de regierechter is dat eind 2016. Hij zei ook dat de financiering van dit soort rechtszaken aan de orde zal komen tijdens de prijsonderhandelingen tussen de Raad voor de rechtspraak en de minister die dit jaar worden gevoerd voor de periode 2017-2019.    

Categorieën: Nieuws

Kamerleden buigen zich over vechtscheidingen

di, 01/26/2016 - 16:00

Hoe kan je voorkomen dat huwelijken eindigen in een vechtscheiding, waardoor vooral kinderen beschadigd kunnen raken? Daarover praat de vaste Kamercommissie voor Veiligheid en Justitie morgen. De Rechtspraak heeft per brief aangeboden daarover mee te denken. Rechters worden dagelijks geconfronteerd met moeilijke scheidingen en denken al geruime tijd na over methoden om te voorkomen dat de problemen uit de hand lopen. Bij verschillende rechtbanken lopen momenteel pilots op het gebied van alternatieve conflictoplossing en ondersteuning van kinderen in een vechtscheiding.

Motie

De Tweede Kamer nam onlangs een motie van Jeroen Recourt (PvdA) aan, waarin maatschappelijke organisaties werd gevraagd initiatieven te ontwikkelen om het aantal vechtscheidingen terug te dringen. De Rechtspraak wil daar graag een bijdrage aan leveren, omdat veel kinderen de dupe worden van het feit dat (ook ongetrouwde) ouders het niet eens kunnen worden over de verdeling van zorgtaken, geld en goederen. De knoop doorhakken en een uitspraak doen in zo’n geschil is vaak niet voldoende. Rechters zoeken daarom naar duurzame oplossingen, waar alle partijen mee kunnen leven. Dat begint met een snelle diagnose van de situatie: op welke vlakken botsen de ouders? Wat hebben zij nodig om verder te kunnen, en wat willen de kinderen?

Kinderen

De Rechtspraak werkt zo mogelijk samen met bijvoorbeeld advocaten, gemeenten, hulpverleners, het Openbaar Ministerie en de Raad voor de Kinderbescherming. De rechtbank Zeeland-West-Brabant zet bijvoorbeeld op proef gedragsdeskundigen in die de belangen van kinderen behartigen in vechtscheidingszaken. Zo’n ‘bijzondere curator’ geeft het kind een stem in de procedure, adviseert de rechter over stappen als het kind in de knel zit en probeert ouders ervan te overtuigen hulp te accepteren.

Pilots

Bij de rechtbank in Rotterdam loopt een pilot waarin familierechters speciaal worden opgeleid in conflictdiagnose en interventiemogelijkheden. Elk scheidend gezin krijgt een vaste rechter toegewezen, die alle problemen in hun onderlinge samenhang kan behandelen. Is er geen ouderschapsplan, dan wordt vroeg in het proces een regiezitting gehouden om verzoeken met betrekking tot kinderen te behandelen.
De rechtbank Noord-Nederland werkt, om onnodige escalatie van het conflict te voorkomen, met één rechter per echtscheiding en een uniform hulpaanbod voor ouders en kinderen. Dat wordt gefinancierd door de gemeente waar zij wonen.
Alle pilots worden in de loop van dit jaar geëvalueerd.

Categorieën: Nieuws

Geen onnodig tijdverlies meer bij strafzaken

do, 01/21/2016 - 13:13

Alle arrondissementen kennen sinds kort een logistiek centrum waarin wordt gecontroleerd of een strafdossier in administratief opzicht - dus niet inhoudelijk -  gereed is voor de terechtzitting. Dit gebeurt door administratief personeel van Rechtspraak en Openbaar Ministerie (OM) gezamenlijk.

Rechter, officier van justitie en advocaat verliezen zo geen tijd meer aan onnodig aangehouden zaken en kunnen zich volledig op de inhoud richten. De verdachte en het slachtoffer hoeven zo niet langer te wachten dan nodig is. Het roosteren van rechters, griffiers en officieren van justitie vindt ook plaats in het centrum, door Rechtspraak en OM intern aangeduid als ‘Verkeerstoren++’. Vervolgens worden de zaken in overleg met de rechter op de terechtzitting gepland.

Commitment

‘Dergelijke centra zijn een oud idee’, zegt Wilma Groos, projectleider van de kant van de Rechtspraak. Paul van de Beek is haar collega namens het OM. ‘Maar doordat er nu tot op het hoogste bestuursniveau van beide organisaties commitment is, zijn de Verkeerstorens++ overal echt van de grond gekomen.’

De handen ineen

Paul van de Beek licht toe dat de logistieke centra een uitvloeisel zijn van de Taskforce OM-ZM. Deze taskforce werd opgericht toen, mede als gevolg van de herziening van de gerechtelijke kaart per 1 januari 2013, er veel klachten waren over de strafdossiers. Deze waren niet compleet, kwalitatief niet in orde of om andere redenen nog niet klaar om op zitting te komen. Maar dat gebeurde wél, met veel frustratie en tijdverlies tot gevolg.

Een jaar eerder al constateerde de Algemene Rekenkamer dat de prestaties in de strafrechtketen verre van optimaal waren. Van de Beek: ‘Deze 2 dingen samen waren het signaal: dit kan zo niet langer, OM en Rechtspraak moeten de handen ineen slaan. Er waren te veel onnodige aanhoudingen, over en weer werd met de beschuldigende vinger gewezen, medewerkers waren gefrustreerd, er werd gedacht in wij en zij, er was veel capaciteitsverlies.’

Alle arrondissementen

Met de ophanden zijnde inrichting van de Verkeerstoren++ in Noord-Nederland, kennen binnenkort alle arrondissementen een gezamenlijk logistiek centrum, gelijkelijk bemenst door medewerkers van OM en ZM. Hier wordt gecontroleerd of een strafdossier in technisch opzicht klaar is om op zitting te komen. ‘Dit is echt uitsluitend een administratieve check: zitten alle documenten en rapporten in het dossier, staan de juiste handtekeningen erop, is al het aanvullende onderzoek binnen, et cetera’, zegt Van de Beek.

Inhoudelijk verandert er niets; de officier van justitie is verantwoordelijk voor opsporing en vervolging en de inhoud van het aan de rechter aangeboden dossier; de rechter doet aan waarheidsvinding, beoordeelt, weegt en beslist. Groos: ‘In de centra zitten géén rechters en géén officieren van justitie, de medewerkers daar blijven weg bij de inhoud. De check op de juistheid van de dagvaarding is dan ook belegd bij de officier van justitie.’

Logistieke planning

Een tweede belangrijke taak van de centra is de logistieke planning van de rechtszaak. Er wordt door Rechtspraak en OM nu gebouwd aan een gezamenlijk systeem voor roosteren en planning, zodat steeds de voor een goed verloop van de zaak op zitting aanwezige personen (verdachte, advocaat, slachtoffer, getuige, ook echt aanwezig (kunnen) zijn.  Als toch moet worden aangehouden, blijven de rechter en de officier van justitie betrokken bij de zaak en doen deze ook de volgende zitting(en) verder af. Reden is dat verdachte en slachtoffer niet elke keer na aanhouding nieuwe rechters en officieren zien. Ook voor rechters en officieren is dat prettig en er wordt efficiënt omgegaan met capaciteit. Belangrijk punt is ook dat deelnemers aan het strafproces 1 aanspreekpunt hebben. 

Advocatuur

Om ervoor te zorgen dat de op- en inrichting van de logistieke centra aansluit bij de praktijk en geen zaken over het hoofd worden gezien, is er een klankbordgroep. In deze klankbordgroep zitten ook 2 advocaten, onder wie Trix Maandag van het Rotterdamse kantoor Rischen & Nijhuis. Zij is lid van de Nederlandse Vereniging van Strafrechtadvocaten (NVSA), maakt deel uit van de Werkgroep Strafrecht Rotterdam en is lid van de Raad van Toezicht van de Rotterdamse Orde van Advocaten. Zij zegt: ‘Mijn ervaringen zijn positief. Het plannen van zittingen gaat efficiënter. Groot voordeel is dat er 1 aanspreekpunt is. In het verleden was het soms zo dat je voor een voldongen feit werd geplaatst: de zitting is dan en dan en als je niet kunt regel je maar een kantoorgenoot. Er wordt nu altijd overlegd.’ 

Enthousiasme

‘Om al over concrete resultaten te praten is het nog te vroeg’, zegt Wilma Groos. ‘In het ene arrondissement zijn ze verder dan in het andere. Het doel is helder: het aantal vermijdbare aanhoudingen terugdringen, alles in 1 keer goed op zitting krijgen en kunnen afhandelen en meer tijd voor kwaliteit.’ Groos: ‘Zo ver als nu zijn we nog nooit gekomen. Het gevoel van noodzaak en het enthousiasme zijn ook nog nooit eerder zo groot geweest. De voortekenen zijn dus goed.’  

Categorieën: Nieuws

Plan voor speciale voorziening handelsconflicten definitief

wo, 01/20/2016 - 20:51

Het plan (pdf, 123,5 KB) voor een speciale voorziening waarmee grote (inter)nationale handelsconflicten in Nederland snel en efficiënt kunnen worden beslecht, is definitief. De Rechtspraak streeft ernaar deze voorziening op 1 januari 2017 in functie te hebben. De voorziening wordt ingericht bij de rechtbank (zaken in eerste aanleg) en het gerechtshof (voor hoger beroep) in Amsterdam.  

De Netherlands Commercial Court (NCC) is een initiatief van de Rechtspraak. Deze voorziening voorziet in een behoefte bij het bedrijfsleven en draagt bij aan het ondernemingsklimaat in Nederland, toonde een verkenning aan. ‘Een vooraanstaand handelsland als Nederland, met een open economie en veel bedrijven die im- en exporteren, moet zo’n voorziening hebben’, zegt Frits Bakker, voorzitter van de Raad voor de rechtspraak. ‘Het draagt bij aan de Nederlandse economie en zorgt ervoor dat nog meer bedrijven zich in Nederland zullen vestigen.’

Pragmatisch

‘Commercial courts’ bestaan al in meer landen. Anders dan de term doet vermoeden, gaat het hier niet om commerciële rechtspraak maar om overheidsrechtspraak. Grote, internationaal opererende bedrijven vragen in toenemende mate om gespecialiseerde rechters voor de beslechting van economische geschillen die zich over landsgrenzen heen voordoen. Bakker: ‘De Nederlandse Rechtspraak wil aan die behoefte tot specialisatie tegemoet komen, net zoals zij dat doet in andere rechtsgebieden. We zien dat grote handelsconflicten steeds vaker niet meer bij reguliere Nederlandse gerechten aanhangig worden gemaakt, maar bij dergelijke commercial courts in het buitenland. Reden hiervoor is vaak dat daar in het Engels kan worden geprocedeerd. Dit terwijl het Nederlandse procesrecht door bedrijven en advocatuur juist als zeer pragmatisch wordt ervaren. Daardoor zijn er kansen.’
Bij de NCC wordt in het Engels geprocedeerd, tenzij de partijen anders overeen komen. Bedrijven leggen een conflict vrijwillig voor aan de NCC, dat zowel internationale als nationale zaken gaat behandelen.

Wetswijziging

De minister van Veiligheid en Justitie heeft in een brief aan de Kamer geschreven dat hij positief staat tegenover de oprichting van de NCC. De voorziening kost de belastingbetaler geen geld. Voor de procedures die worden gevoerd, gelden kostendekkende tarieven. De opstartkosten worden daarin verdisconteerd. De verwachting is dat er op termijn jaarlijks 100 geschillen in eerste aanleg worden behandeld en 25 in hoger beroep. De maatschappelijke baten lopen in 10 jaar naar schatting op tot ongeveer 75 miljoen euro per jaar.
Om de NCC mogelijk te maken, is een wetswijziging nodig. Deze wijziging regelt onder meer dat er in het Engels kan worden geprocedeerd.

Categorieën: Nieuws

Enquête rechters: op brede schaal zorgen over rechtspraak

di, 01/19/2016 - 13:59

Een behoorlijk grote groep rechters maakt zich zorgen over de ontwikkelingen in de Rechtspraak. Er is de komende jaren geen ruimte om te bezuinigen of voor grote veranderingen. De kwaliteit van rechtspraak staat onder druk door een te grote nadruk op bedrijfsvoering.

Dat is de uitkomst van een enquête (pdf, 1,2 MB) waar 852 rechters en raadsheren (van de 2.450) aan meewerkten. De enquête was opgesteld door een groep rechters van de rechtbank Midden-Nederland die eerder in het NJB het artikel ‘Tegenlicht, de rechterlijke organisatie tegen het licht’ schreven. Aanleiding voor dit artikel  was het Meerjarenplan Rechtspraak, maar daarnaast worden er meer zorgen aan de orde gesteld. 

Fundament

De initiatiefnemers pleiten er voor dat er een ‘fundament wordt gelegd voor een inspirerende samenspraak tussen bestuurders en de medewerkers’. Dat sluit aan bij de wensen die Frits Bakker, voorzitter van de Raad voor de rechtspraak, uitte in zijn nieuwjaarsspeech op 7 januari. ‘We realiseren ons dat het van groot belang is de komende tijd het gesprek met elkaar aan te gaan over de zorgen die rechters hebben over de ontwikkelingen binnen de Rechtspraak. Deze week praten we allereerst met de initiatiefnemers van deze enquête. Voor een groot deel onderschrijven we de zorgen. Ook steunen we hun oproep tot een maatschappelijk en politiek debat over wat goede en toegankelijke rechtspraak mag kosten. Deze enquête geeft een goede basis voor dat gesprek’.

Categorieën: Nieuws

Digitaal indienen asiel- en bewaringszaken overal mogelijk

ma, 01/18/2016 - 12:18

Vanaf vandaag (18 januari) is het bij alle rechtbanken mogelijk digitaal asiel- en bewaringszaken in te dienen. Bij 7 rechtbanken kon dit al, en nu sluiten ook de rechtbanken Den Haag, Gelderland, Midden-Nederland en Rotterdam aan.

Vlieguren

Vreemdelingenadvocaten zijn nog niet verplicht om hun zaak digitaal in te dienen. De advocatuur kreeg van de gerechten wel het advies de komende periode zoveel mogelijk 'vlieguren' in het digitaal procederen te maken.

Wetgeving

Een half jaar nadat de benodigde wetgeving door het parlement is aangenomen, wordt het voor professionele partijen verplicht digitaal zaken in te dienen. De Tweede Kamer ging al akkoord met de wetsvoorstellen. Ze liggen nu in de Eerste Kamer. De datum van behandeling is nog niet bekend.

Lees hier antwoorden op veelgestelde vragen over het digitaal indienen van asiel- en bewaringszaken.

In deze video vertelt teamvoorzitter Daniëlle van der Heijden (rechtbank Gelderland) over de voordelen van digitaal procederen.

Categorieën: Nieuws

Waarschuwing: bellers doen zich voor als Rechtspraakmedewerkers

ma, 01/11/2016 - 11:57
Telefoontjes niet van Rechtspraak afkomstig

De Rechtspraak heeft meldingen binnengekregen van mensen die telefonisch zijn benaderd door nep-Rechtspraakmedewerkers. Deze bellers benaderen mensen met de mededeling dat er nota’s openstaan die snel moeten worden betaald. Als het openstaande bedrag niet snel wordt overgemaakt dreigt de beller met beslaglegging.

De Rechtspraak adviseert met klem om niet tot betaling over te gaan. Deze telefoontjes zijn niet van de Rechtspraak afkomstig.

De Rechtspraak benadrukt dat nota’s altijd schriftelijk worden verstuurd. Als er sprake is van achterstanden in betalingen, worden ook de herinneringen en/of aanmaningen schriftelijk verstuurd. Ook kunt u altijd voor vragen over nota’s contact opnemen met de rechtbank in kwestie.
 
Als u gebeld wordt door iemand die zich voorstelt als Rechtspraakmedewerker en u twijfelt of dit klopt: verbreek de verbinding en schakel eventueel de politie in.

Categorieën: Nieuws

Pagina's

Kunnen wij u helpen?

Heeft u een juridisch probleem en wilt u een advocaat of een mediator inschakelen?
Neem contact met ons op. Wij zoeken een specialist bij uw probleem.

> Schakel hulp in voor uw juridisch probleem